Binnen enkele minuten waren we doorweekt en toch verscheen er een glimlach op mijn gezicht (zie roadmovie). Ik dacht terug aan andere reizen waar hetzelfde gebeurde (Column Scandinavie: Op de klif van het leven). Waar je normaal eindeloos ver zou kunnen kijken, zagen we nu niets. Dichte mist schermde het prachtige uitzicht volledig af. Op Mount Croagh Patrick werd de wereld teruggebracht tot het pad onder mijn voeten, de vage contouren van de mensen voor mij en de vochtige lucht om mij heen.
Ondertussen lopen mensen naar beneden. Teleurgesteld, geïrriteerd of chagrijnig. En ik begrijp het wel. Als mensen verlangen we graag naar vergezichten en toekomstbeelden. Tijdens het proces willen we het liefst kunnen zien waar we naartoe gaan, willen weten wat ons te wachten staat of zoeken we naar een bevestiging dat onze inspanning ergens toe leidt.
Juist daar, midden in die mist, gebeurde er bij mij iets anders. Ik genoot intens van de mystieke sfeer die de mist creeerde en het deerde mij niet dat ik het uitzicht niet zag. Van steen naar steen huppelde ik op de berg omhoog; vrolijk, onbevangen en moeiteloos. In die lichtheid realiseerde ik mij: Het prachtige uitzicht is er wél. Onaangetast en volledig aanwezig. Het feit dat wij het niet kunnen zien, betekent niet dat het er niet is.