Column

Werken in Nepal

Werkend als fysiotherapeut ervaarde ik al vrij snel dat ik het een prachtig vak vindt, maar dat ik in de westerse wereld het vakgebied mij niet de levensvoldoening gaf waar ik naar zocht. Ik stapte daarom in een managementfunctie met de uitgesproken wens nog wel één keer mijn kennis en vaardigheden in te zetten in een land waar de hulpvraag groot is. En zo geschiedde. In 2006 vertrok ik naar Nepal om nog één keer te werken als fysiotherapeut. 

Onderwijscentrum

Nadat ik was mijn draai had gevonden in mijn woning in Nepal (column; wonen in Nepal) ging ik aan de slag bij twee werkgevers. Ik werkte op de particuliere school Technical Skill & Development Centre for Blind & Disabled (TSDCBD) voor jongvolwassenen met een lichamelijke beperking. De jongvolwassenen volgden een praktijkgerichte opleiding waarbij zorgvuldig rekening werd gehouden met hun fysieke mogelijkheden. Samen met het docententeam en het medischteam werd gezocht naar werkomgeving waarin zij, met eventuele aanpassingen, hun talenten konden inzetten. Zo konden de jongeren bijvoorbeeld opgeleid worden tot; ict’er, pottenbakker, wever of krijtjesmaker. 
Als fysiotherapeut keek ik per student welke fysieke vaardigheden nodig waren voor het beroep wat zij hadden gekozen, en waar eventuele fysieke beperkingen zaten. Op basis van een uitgebreide anamense, multidisciplinaire screening en behandelplan verzorgde ik een jaar fysiotherapeutische ondersteuning van bijvoorbeeld de fijne motoriek, het uitbreiden van loopvaardigheden of het leren omgaan met spasticiteit en contracturen net zo lang tot de student was afgestudeerd. Naast het aanbieden van beroepsonderwijs voor haar studenten, was een belangrijk nevendoel van de organisatie; bouwen aan hun zelfstandigheid en mogelijkheid creëren om hun eigen inkomen te verdienen, waardoor ze konden leven en bijdragen in de Nepalese samenleving ongeacht hun fysieke beperking. De koppeling tussen medische zorg, onderwijs en hun toekomstperspectief maakte het werk voor mij betekenisvol.
 
Naast mijn fysiotherapeutische werkzaamheden bestond mijn taak uit het verder bijscholen van mijn lokale fysiotherapie collega’s, en had ik de opdracht om met het management mee te denken hoe het medisch team beter tot zijn recht kon komen binnen de organisatie. De diversiteit van deze drie taken, maakte dat geen dag hetzelfde was als ik in het onderwijscentrum was. Na een fietstocht door de chaos van Kathmandu — langs markten, tempels, toeterende scooters en stoffige wegen — bereikte ik na één uur fietsen het onderwijscentrum. Gelegen op een berg hadden we elke dag prachtig uitzicht op het Himalaya gebergte en werd ik altijd vrolijk begroet door de bewaker. Elk moment dat ik in het onderwijscentrum was ontmoette ik studenten die ondanks hun beperking straalden van levenslust, lokale fysiotherapeuten die met minimale middelen het maximale probeerden te doen voor de studenten en een managementteam die open stonden voor nieuwe ideeën om de organisatie te optimliseren voor de studenten.
 
Tekst gaat verder onder de foto’s

Homevisits

Naast mijn werkzaamheden in het onderwijscentrum was ik werkzaam binnen het project ‘Medical Homevisits’  in het Mount Everest gebied. Het project richtte zich op kinderen die in de hoge bergdorpen woonde met een zware lichamelijke beperking. Omdat de families in deze rurale gebieden vaak niet de (financiële) middelen hebben voor transport naar de hoofdstad, medische zorg of accuate kennis, is de gezondheidsstatus van deze kinderen vaak schrijnend. In opdracht van het project trokken wij als medisch team (kinderarts, orthopeed en ikzelf) de hoge bergdorpen in om; 1) de situatie in kaart te brengen 2) de kinderen te voorzien van medische hulp en 3) de ouders te voorzien van medisch advies hoe ze hun kind kunnen ondersteunen (tiltransfers, trainingshandvaten).
 
Tijdens onze homevisits zagen we veelal kinderen met de neurologische aandoening Cerebral Palsy wat resulteert in ernstige spasmes, contracturen, fysieke en mentale ontwikkelachterstanden. Daarnaast kwamen we ook vaak in aanraking met malunion (botbreuken die verkeerd teruggegroeid zijn) waardoor we de nodige schade en beperkingen zagen aan omliggend spier en bot. Als team werkte we, ieder vanuit zijn eigen discipline, efficient samen om ieder kind te voorzien van medische zorg.
 
Al snel ontdekte we dat de complexiteit van ons werk niet alleen in de medische aandoeningen zat, maar óók in de praktische omstandigheden eromheen. Sommige kinderen troffen we aan in kooien omdat families zich geen raad wisten met het spasmepatroon. We zagen kinderen weggestopt in een schuurtje liggend op houten planken of troffen ze aan buiten in hun eigen ontlasting. Kinderen zonder hoofdbalans, zonder spierkracht en zonder enig toekomstperspectief, maar die desondanks begonnen te glimlachen zodra je hen aandacht gaf. Daarnaast liepen we soms tegen bureaucratie en corruptie aan waardoor medische hulp soms weken vertraging opliep, terwijl de nood hoog was. Hierdoor hebben we af en toe moeten beslissen niet te wachten maar zelf een kind op de rug naar Katmandu te dragen (ten gevolge van bureacratie), of moesten we soms diagnoses door onafhankelijk artsen in Nederland laten herbeoordelen om hoge kosten voor een familie te voorkomen (ten gevolge van corruptie). Ook was veiligheid tijdens onze huisbezoeken niet vanzelfsprekend. Dronkenschap in de huizen/communities waar wij kwamen was niet ongebruikelijk, waardoor we soms onszelf en soms het kind in bescherming moesten nemen. Complexiteit zat ook in culturele aspecten. We leerde hoe verschillend er gekeken kan worden naar ziekte, beperkingen en zorg. Elke dag werden we opnieuw gedwongen om te schakelen tussen onze eigen cultuur, de Nepaleese cultuur en met name haar subculturen in de bergregio’s.
 
Tekst gaat verder onder de foto’s 

Mijn drie lessen

1) Mijn keuze om in Nepal te gaan werken leerde mij dat er een verschil bestaat tussen buiten je comfortzone stappen en je grenzen verleggen. Buiten je comfortzone stappen is het onbekende opzoeken, je grenzen verleggen gebeurt als het onbekende ook iets in jou veranderd. Gedurende mijn werk in Nepal gebeurde dat bij mij in de dagelijkse situaties die improvisatie vroegen, in confrontaties met armoede, werken in ethische complexiteit en verantwoordelijkheid nemen voor kinderen als systemen te kort schieten. Het zat in momenten waarop je steeds opnieuw moest schakelen tussen gevoel, verstand en daadkracht. Ik leerde dat als je grenzen opzoekt, hoeveel groei, veerkracht en betekenis in grenzen verleggen verborgen ligt.
 
2) De tegenstrijdigheden van mijn twee banen waren groot. In het onderwijscentrum ervaarde ik hoe kinderen onder (medische) begeleiding konden werken aan zelfstandigheid en toekomstperspectief. Hoog in de bergen ontmoette ik kinderen die geen toegang hadden tot basis voorzieningen en laat staan medische hulp. Dat enorme contrast heeft diepe indruk gemaakt op mij. Tussen de chaos van Kathmandu en de stilte van de bergen realiseerde ik mij dat groei kan ontstaat in het ervaren van tegenstrijdigheden. Ik ontdekte dat het leven zelden uit één waarheid bestaat, en leerde dat wijsheid niet zit in het oplossen van de tegenstellingen, maar in het leren verdragen dat ze naast elkaar bestaan.
 
3) En als laatste realiseerde ik mij dat in beide werksituaties mijn toegevoegde waarde slechts een druppel op een gloeiende plaat was, desalniettemin leerde Nepal mij dat juist in die druppels betekenis kan zitten. Elkaar helpen zit niet in grootse oplossingen, maar in blijven komen, blijven gaan, blijven helpen en blijven zien wat een ander nodig heeft, ook wanneer de situatie groter is dan jijzelf ooit kan oplossen.
 

SHARE & SPREAD WISDOM 

© All rights reserved Wisdom Lab
Su-Anne van Waes