Naast de lokale collega’s en vrienden verzamelde zich in korte tijd ook een hechte groep
internationale mensen om me heen. In Phom Phen met de mensen van VSO, de VN – UNICEF en vele andere organisaties waar ik mee samenwerkte. Maar bovenal leerde ik een hechte groep expats kennen in Kratie. Kratie bleek namelijk een strategische plek voor zowel nationale als internationale organisaties. Vrijwel iedere expat die daar werkte, vond zijn weg naar onze kleine, maar warme community. Mensen uit Canada, UK, Frankrijk en Iran werkten er als mensenrechtenadvocaat, als directeur WNF
(column en film: Hurry up, life doesn’t wait for you) als adviseur bij Save the Children, of — zoals ik — bij het ministerie van onderwijs. Doordat Kratie zo klein is, woonden we allemaal op loop- of fietsafstand van elkaar, vaak niet meer dan een paar straten verwijderd van elkaar. Vrijdagavonden stonden standaard in het teken van samen pizza eten in ons vaste restaurant. Tijdens het eten werden altijd eerst de wekelijkse frustraties gedeeld en successen gevierd om vervolgens te genieten van de lange avond die nog voor ons lag. Verjaardagen gingen nooit ongemerkt voorbij en feestdagen van alle geloven werden samen gevierd. Als iemand ziek was, zorgden we voor elkaar, en als je doordeweeks behoefte had aan een drankje, was er altijd wel iemand die je vergezelde. Onze gedeelde ervaring, ver weg van huis, familie en vrienden, werd de grond waar iets groeide, wat verdacht veel op thuis lijkt.